Sitemap

Fietsersbond Oosterhout
Drimmelen Fietsersbond
Uitgelicht
You Tube
De Tuub mei 2016
De Tuub december 2016
De Tuub augustus 2016
De Tuub mei 2016
De Tuub december 2015
De Tuub oktober 2015
De Tuub mei 2015
De Tuub december 2014
De Tuub september 2014
De Tuub voorjaar 2014
Columns 2017
Columns 2016
Columns 2015 (1)
Columns 2014
Fietsroutes 1
L
Inleiding beleidsplan
Home Pagina
Wie zijn wij?
Contact
Vacatures
Service

Links

Disclaimer
Sitemap

  

.

.

sitemap

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetuer

Sed diem nonummy nibh euismod tincidunt

Español

English

Français

Nederlands

Italiano

Deutsch

Lorem

Ipsum

Dolor

Sit

.

Uitgelicht

  

Een bijzondere fietser...


Deze keer eens heel andere fietsers dan anders:


In Oosterhout wonen Inge en Mario Martens, twee gedreven (sport)fietsers. Beiden zijn lid van de wielersportbond Nederlandse Toer Fiets Unie, die de belangen behartigt van de sportieve racefietser, de mountainbiker en de recreatieve fietser.


Allebei weten ze wel weg met de kilometers, hoewel Mario wat dit betreft de kroon spant. Hij traint gemiddeld 300 km per week, om dan in het weekend aan toertochten van honderd of honderdtachtig km mee te doen. Dat trainen moet ’s avonds, na het werk. Inge fietst wat minder, maar merkt wel dat je conditie razendsnel verbetert als je meedoet aan tochten. Je gaat in een groep vanzelf wat sneller fietsen, je gaat door als je moe bent. Als je alleen fietst, moet je op eigen kracht fietsen maar daardoor word je wel sterker. Zij is pas een paar jaar geleden op de racefiets gestapt, en zit vanaf maart tot november, als het weer het toelaat, iedere zaterdagochtend op de racefiets, met de club. Daarnaast zit zij doordeweeks en in de winter op de spinning fiets en volgt andere groepslessen, waaronder Zumba, bij K-fitness.


Aan een racefiets moet je wennen. Zo viel Inge tijdens het ‘Klimbo’ weekend (Klimmen in Limburg – red) omdat ze bij de afdaling eigenlijk te voorzichtig was. Ze raakte in een bocht in het grind, voelde haar achterwiel wegslippen, maar kon niet op tijd uit het kliksysteem loskomen. Iets wat alle beginnende wielrenners een keer overkomt. Al doende leert men. Je voet losdraaien, wordt na een tijdje een tweede natuur.


Ze fietsen met wielerteam Dynamic Cycling, een Oosterhoutse club die ontstaan is vanuit een Spinning-les uur, bij K-fitness, de sportschool waar beiden lid van zijn. Inge was lid van de sportschool, Mario is daar later bijgekomen. Jaarlijks werd in februari een demonstratie gegeven met spinfietsen op de Markt of in het winkelcentrum, voor het goede doel (bijvoorbeeld KiKa, of stichting Doe een Wens). Nu wordt bij het wisselen van zomer- naar wintertijd of andersom, een evenement georganiseerd in de vorm van bijvoorbeeld een uur spinnen van drie tot drie uur ’s nachts. Initiatieven van de sportschooleigenaar.


In 2008 heeft de club meegedaan aan de beklimming van de Alpe d’Huez, ook voor het goede doel. In no time zat de deelnemersbus vol. (Deelnemers betalen inschrijfgeld en de rit wordt gesponsord, allemaal ten behoeve van het verkozen goede doel).


In 2009 is de Mont Ventoux beklommen.

Wat dit betreft is Mario de echte sportman, Inge wil best klimmen, maar wel in haar eigen tempo, dus niet in wedstrijdverband. Zij doet buiten het sporten bijna alles op de fiets, een gewone stadsfiets (nou ja gewoon, wel een Koga Myata! – red.) Mario niet, die moet voor zijn werk heel Nederland door, en maakt dus heel veel autokilometers. Hij is wel eens voor de grap tijdens een fietstocht even in Utrecht bij de collega’s gaan koffiedrinken. Ook een keer in Roosendaal, dat vonden ze daar niks bijzonders, tot ze hoorden dat hij een rondje van 180 kilometer aan het maken was. Vanuit Roosendaal was het dus inderdaad nog maar een klein eindje naar huis.


Ook de vakanties draaien om het fietsen, ze maken veel tochten en willen dan wel veel van de omgeving zien, dus er wordt dan niet gejakkerd. Het gaat dan om de gezelligheid; een uurtje rijden en dan weer eens iets eten en na weer een tijdje iets drinken. Het is een goede manier om wat meer tijd samen door te brengen, want met al dat trainen is dat door het jaar heen wat minder.

Zo hebben ze in etappes de Moezel afgereden; de caravan mee en dan steeds stukken fietsen, caravan verplaatsen en weer verder fietsen. De ene vakantie de Moezel en een volgende vakantie de Loire, of Rijn, maar niet alles hoeft in het buitenland. Zo hebben ze op hun ‘gewone’ fietsen de Elfstedentocht gereden. (Nee, niet op het ijs! – red.)


De energie lijkt wel eindeloos: dit keer kwamen ze op donderdag terug van vakantie, zijn op vrijdag een toertocht gaan verkennen in Limburg en hebben die dag daar een gedeelte, honderd km, van gereden, en op zondag een tocht gereden van honderdtachtig km (de Mosseltocht naar Zierikzee samen met hun fietsclub.)


Toch is er dit jaar iets minder gefietst dan andere jaren, omdat twee van de kinderen een huis kochten en zoals dat gaat, hebben pa en ma mee geklust. Heb je die conditie toch niet voor niks opgebouwd.


Het blijft niet bij racefietsen, op 9 oktober heeft Mario meegedaan aan de Bart Brentjens Challenge; een tocht van honderd kilometer op de mountainbike door het Limburgse land. Als amateur start je dan na de profs. Het was lekker afzien.


Inge heeft minder behoefte om tot het uiterste te gaan. Zij weet nu wat een knecht bij wielrennen voor functie heeft. Als je achter iemand kunt rijden dan kun je je krachten sparen voor een eventuele eindsprint. Niet alleen rijd je letterlijk uit de wind, maar je wordt als het ware ook meegetrokken.

Jammer is dat er veel onbegrip is tussen wielrenners en andere weggebruikers. Ook als je belt gaan mensen vaak niet opzij, soms horen ze het niet, maar soms gewoon uit halsstarrigheid. Bij een snelle afdaling moet je heel stevig je stuur vasthouden, en kun je niet een hand loslaten om even te bellen. Toch gaan soms ook mensen die de groep zien aankomen pertinent niet opzij.


Het gebeurt ook wel dat de voorrijder van de groep een auto van rechts ziet komen, en inschat dat die nog zo ver weg is dat de groep kan doorrijden, maar dan blijkt de bestuurder even extra gas te geven. Blijkbaar om zijn gelijk te halen: wie van rechts komt heeft voorrang.


Men heeft ook vaak niet in de gaten waarom een groep op de weg rijdt in plaats van op het fietspad. Bijvoorbeeld bij het zwembad in Raamsdonksveer is een berucht slecht fietspad met veel kuilen en losse tegels. Bovendien zijn daar talloze gevaarlijke uitritten. De uitrijdende bewoners hebben geen zicht op het fietspad. Daar wordt dus meestal op de weg gefietst, waarbij dan weer het gevolg is dat 80% van de automobilisten op de claxon drukt.

Op zondag kun je feitelijk na elf uur ’s morgens niet meer op het fietspad rijden als wielergroep, omdat het dan te druk is met andere fietsers.


Gaat er bij een tocht motorbegeleiding mee, dan blijkt er ineens veel meer begrip te zijn. Blijkbaar geeft dat escorte een officieel tintje aan de zaak?


In de afdaling gaat een groep wielrenners erg hard. Soms wel zeventig of tachtig km/uur. Het record van Mario is ooit zesentachtig km/uur geweest. Het gevaar is dat je dan auto’s inhaalt, die gaan juist langzamer in de afdaling. Inge heeft eens als bezemwagen meegereden en reed tot haar schrik bijna een fietser klem die haar rechts passeerde. Het blijkt nog niet zo makkelijk om overal tegelijk te kijken, maar je leert wel steeds beter opletten naarmate je dit vaker doet.


Dit jaar organiseerde Mario voor de twintigste keer een racefietstocht van 130 km in Limburg. Voor het bedrijf en zijn klanten.


Er zijn heel wat fietsen in huis. Voor wie geïnteresseerd is:


De racefietsen:


Inge: Giant LIV advanced 2


Mario: Merckx Mourenx 69 disc.


De stadsfietsen:


Inge een Koga Myata en Mario een Peugeot


Dan de mountainbike: Specialized Epic 29


En de TACX: een trainfiets op een rollerbank. Zo kun je altijd lekker droog trainen in de garage als het weer niet wil meewerken.


Met vriendelijke groet,


Mario.



Geschreven door: Wilma Rasink


 

< Vorige pagina